In 2016 begint het echte werk.

Of doe ik mezelf daarmee tekort?

Natuurlijk zijn er al drie boeken van mijn hand verschenen, maar hadden de uitgever en ik moeite met de stap naar de boekwinkels. De recensies waren prima tot goed, de boeken zagen er prachtig uit en de reacties van de lezers altijd enthousiast. Toch vertaalde zich dat niet in grote verkopen.

Het beste voorbeeld is mijn laatste thriller ‘De visser van Hoi An’. Deze verscheen op dezelfde dag als de nieuwe Dan Brown, getiteld ‘Inferno’. Op Crimezone (tegenwoordig Hebban) kreeg mijn boek dezelfde beoordeling als de bestseller uit Amerika, namelijk 21 van de 30 beschikbare sterren op onderdelen als leesplezier, spanning, psychologie en schrijfstijl.

Het verschil is: Inferno verkocht er miljoenen, wij daar nog geen 0,1% van.

Ik moest een stap omhoog zetten, wilde ik ooit dat potentieel halen. Ik had al een hoofdstuk liggen van een nieuw verhaal, dat zelfs genomineerd was voor de Thomas Ross thriller-award van uitgeverij Cargo. Anderhalf jaar later lag er een verhaal dat in lijn was met de tips die ik van een medewerker van Cargo had gekregen: schrijf een Nederlands verhaal, met Nederlandse personages rond een Nederlands thema.

Dat werd dus Bureau Jeugdzorg, een instantie die het bloed onder mijn nagels gehaald had met hun waanzinnig idioterie rondom mijn toenmalige pleegzoon. Het bracht me op een idee.Talloze vaders en moeders zeggen dat ze iemand wat aandoen als Jeugdzorg aan hun kinderen komt. In de praktijk doet (gelukkig) niemand dit. Waarom niet? Ik denk dat zolang er hoop is, je niet het risico wilt lopen dat Jeugdzorg munitie krijgt om op je te schieten. Zolang er hoop is zijn er grenzen. Mijn hoofdpersoon heeft alle hoop laten varen, met alle gevolgen van dien.

Oké, ik had dus een verhaal. Een thrillerroman waar alles inzit. Een boek waar proeflezers razend enthousiast over zijn. Dit was mijn kans om de stap te zetten. Maar hoe pak je dat aan?

Van de duizenden manuscripten die maandelijks worden ingezonden door auteurs zoals ik, worden er misschien maar twee of drie daadwerkelijk uitgegeven. Wat maakte mijn werk zo bijzonder? Wat zorgde ervoor dat ik die ene was die eruit gepikt werd? Ik moest een manuscript inleveren waar ze niet omheen konden.

Het schrijven van een verhaal is maar 50% van het werk. Je bent minstens zoveel tijd kwijt met redigeren, corrigeren en nalezen. Op een gegeven moment kun je elk woord van je manuscript dromen en ben je leesblind geworden voor je eigen werk. Dan is het heel belangrijk om een nieuwe kritische lezer in te schakelen. Ik plaatste ruim anderhalf jaar geleden een oproep op een website waar freelancers zich aanbieden. Mijn zoektocht was helder: ik moest de allerbeste eindredacteur vinden die er beschikbaar was. Die persoon diende zich aan in de persoon van Janine van der Kooij. Janine was degene die het meest op- en aan te merken had op mijn verhaal, schrijfstijl en plotontwikkeling. Ze was hard, recht-door-zee, en gaf me feedback waar ik echt iets aan had. Dat wilde ik ook allemaal van haar horen. Hoe kon ik het nog beter maken? Van een zesje naar een zeven, en dan nog een paar keer. Net zolang tot we in onze ogen het maximale eruit gehaald hadden. Dat was december vorig jaar.

Als bonus stelde ze me voor aan een oud-collega van haar, Remco Volkers. Remco is een boekpromotor die voor alle grote uitgevers in Nederland werkt en jaarlijks mede de Gouden Strop (de belangrijkste Nederlandse thrillerprijs) organiseert. Daarnaast is Remco literair agent, een man die bemiddelt tussen auteur en uitgever. Gelukkig was hij enorm enthousiast en een maand later tekende ik een overeenkomst die Remco de komende tien jaar mijn literiar agent maakt. Al snel had mijn kersverse agent goed nieuws te melden. Hij had het manuscript uitgezet bij zijn contactpersonen bij enkele grote uitgeverijen en daar waren een paar positieve reacties op gekomen. Zelf hadden we de voorkeur voor The House of Books, onderdeel van Overamstel Uitgevers, en met deze mensen maakten we een afspraak. Al snel werd duidelijk dat ze vol lof waren over het manuscript en de wijze waarop ik het had aangeleverd. Er was haast niets op aan te merken en wat dat betreft één van de beste manuscripten die ze ooit ontvangen hadden. In augustus tekende ik een contract bij The House of Books. Een bevestiging van de gekozen tactiek en een beloning voor twee jaar heel hard werken.

Auteur Martyn van Beek, literair agent Remco Volkers en uitgever Harold de Crom proosten op de samenwerking.

Auteur Martyn van Beek, literair agent Remco Volkers en uitgever Harold de Crom proosten op de samenwerking.

In mei 2016 verschijnt het boek, getiteld Engel zonder Vleugels bij The House of Books. Het resultaat van drie jaar hard werken en met bijzonder veel dank aan Janine en Remco voor hun geweldige begeleiding.